Ik runde de kleine winkel alsof het mijn eigen huis was — ik kende elk schap, elke doos en elk product. Toen er dure producten verdwenen, dacht ik eerst aan een ongeluk, maar daarna begon ik de werknemers te verdenken.
Ik vroeg het hen openlijk, met een geforceerde glimlach, maar kreeg alleen verwarde blikken. Het was vernederend, omdat altijd de duurste producten verdwenen.

Toen er op een vreemde manier dure producten uit mijn winkel verdwenen, dacht ik dat de werknemers stalen; maar na het terugkijken van de camerabeelden was ik geschokt.
Mijn geduld raakte op. Ik verzamelde weken aan camerabeelden en bracht ze naar de politie.
Maar op de beelden zagen we iets heel anders — erger dan gewoon diefstal… Een vrouw verscheen vaak in een rolstoel. Ze bewoog langzaam, vroeg om hulp, glimlachte — en niemand lette op de rolstoel.

Het was duidelijk hoe ze de duurste producten eronder verstopte. Niemand durfde te controleren. Het ergste: ze was niet gehandicapt. Later vertrok ze rustig zonder rolstoel. Alles was van tevoren gepland.

Toen er op een vreemde manier dure producten uit mijn winkel verdwenen, dacht ik dat de werknemers stalen; maar na het terugkijken van de camerabeelden was ik geschokt.
De politie beloofde een voorzichtige aanpak, bewijzen en getuigen te verzamelen. 🤔
