Op een witte, stille ochtend liep de vrouw langzaam over de verlaten plattelandsweg. Ze genoot van de zeldzame stilte, toen plotseling een beweging in de verte haar aandacht trok.
Uit de bocht verscheen een Duitse herder. Niets anders trok de aandacht — alleen het grote, witte pakket dat stevig in de bek van de hond geklemd zat. Het beeld had iets surrealistisch; het pakket leek zwaar, maar de hond liep zelfverzekerd en onverstoorbaar, alsof hij over een onzichtbare weg stapte.

De vrouw bleef langzaam staan, schoof tegen de kant van de weg en probeerde onopgemerkt te blijven. Haar ogen volgden de hond vol verwondering. Het was onmogelijk te voorspellen wat er zou gebeuren.
Plotseling stopte een auto bij de hoek. De bestuurder deed zijn motor niet uit, opende gewoon de deur, pakte behendig het pakket uit de bek van de hond en verdween onmiddellijk achter de bocht.
— Wat… — mompelde de vrouw, nauwelijks in staat een verklaring te bedenken.
De hond draaide zich rustig om en liep terug dezelfde weg, alsof er niets ongewoons was gebeurd. De vrouw keerde terug naar huis, maar het vreemde tafereel bleef in haar hoofd gegrift.

De volgende ochtend gebeurde precies hetzelfde. Op exact hetzelfde tijdstip, op dezelfde plek, zag ze weer de herder met het pakket. En opnieuw haalde dezelfde auto het pakket op.
Haar nieuwsgierigheid overwon haar angst. Ze besloot de hond te volgen. Langzaam en voorzichtig, zodat ze niet gezien werd, volgde ze het dier. De hond liep naar een oude straat en stopte bij een half vervallen huis aan de rand van het dorp.
Een ijzige schok doorstroomde haar lichaam toen ze zag wat er in dat huis gebeurde. Ze belde onmiddellijk de politie.
De deur spleet open en een man verscheen op de drempel. Hij knikte naar de hond, alsof hij haar ‘werk’ controleerde, en liep het huis binnen.
De volgende dag verzamelde de vrouw al haar moed en naderde het huis. De ramen waren verduisterd, en de tuin was leeg. Ze gluurde naar binnen en zag in een schuur dozen staan die vreemd naar chemicaliën roken.

Op de keukentafel, onder een felle lamp, verdeelde de man poeder in pakketjes. De hond zat naast hem, als een trouwe assistent, wachtend op het volgende commando.
Een koude angst overmande de vrouw. Alles werd duidelijk: de hond werd gebruikt om verboden stoffen te vervoeren, terwijl de man schoon bleef, veilig verborgen achter het onschuldige uiterlijk van het dier.
Met trillende handen pakte ze haar telefoon en belde de politie.
Enkele dagen later verspreidde het nieuws zich door de stad. De gearresteerde man bleek het hoofd van een bende te zijn, terwijl de herder een volledig onschuldig wezen was, getraind om een menselijke misdaad te dienen.
